Tips om te fietsen met statushouders

BEAT Cycling Club

Ik ben 17 jaar geleden als vluchteling naar Nederland gekomen. Inmiddels heb ik een Nederlands paspoort.

Jullie kennen me vast al wel, Daniel Abraham. Een nieuw land met onbekende mensen en een ander cultuur. Dat was even wennen! Ik ga jullie helpen door wat opheldering te geven.

Wanneer is iemand een statushouder?

Iemand heeft status gekregen wanneer zijn of haar asielaanvraag is goedgekeurd door de overheid. Hij of zij mag in Nederland blijven, krijgt huisvesting in een bepaalde gemeente en kan beginnen om hier een leven op te bouwen!

Sport is de sleutel

Voor mij heeft mijn sport wielrennen bijgedragen aan mijn integratieproces. Als nieuwe Nederlander is het niet altijd even makkelijk om je weg te vinden in de samenleving. Alles is nieuw en anders dan je gewend bent. De eerste keer dat ik ging fietsen was met een fietsgroepje uit Almere. Ik was heel goed opgevangen en het heeft echt mijn leven veranderd.

Op een oude fiets…

Toen ik begon met fietsen had ik een oude fiets gekregen van mijn pleeggezin om op te beginnen. Als je als statushouder wil beginnen met fietsen, kan je natuurlijk ook altijd een fiets lenen van iemand. Een extra crossfiets die iemand in de garage heeft staan, gebruikt hij toch niet in de zomer!

Op tijd en uur

In andere landen geldt een ander cultuur. In Nederland betekent een afspraak om te gaan fietsen om 10:00 uur ook echt om 10:00 uur vertrekken. Dit geldt niet voor alle culturen zo! Daarom is het slim om dit een aantal keer te checken.

Waar kan ik terecht voor vragen over taal of inburgering?

NLtraining helpt mij met het integreren in de Nederlandse samenleving. Ik geef ook trainingen aan andere Eritreeërs in Nederland. NLtraining geeft door het hele land Nederlandse les aan anderstaligen en informatie over inburgering. Hier kan je meer lezen over het NLSport&Participatie project.

Tips voor praten met statushouders

Ik geef jullie een aantal makkelijke tips zodat we leuke ritjes kunnen gaan maken!

  1. Gebruik korte, maar volledige zinnen dus geen kindertaal of zinnen als “Jij lopen naar huis?”
  2. Spreek langzaam en articuleer goed.
  3. Beperk je tot het onderwerp van het gesprek. Ga niet in op dubbele betekenissen van een woord en spring niet van de hak op de tak.
  4. Vermijd figuurlijk taalgebruik, zoals uitdrukkingen, spreekwoorden en gezegdes. Wees concreet.
  5. Stel open vragen, dus: “Wat zullen we gaan doen?” i.p.v. “Zullen we naar de bibliotheek gaan?
  6. Herhaal veel. Ga er niet van uit dat informatie (bijvoorbeeld bij het maken van afspraken) in één keer begrepen wordt. Vraag of de afspraak begrepen is. Niet: “Heb je het begrepen?” Wel: “Wat hebben we nu afgesproken?”
  7. Geef altijd positieve feedback.
  8. In gesprekken is het vooral belangrijk dat de informatie over komt. Correct grammatica gebruik is geen voorwaarde.
  9. Laat deelnemers altijd zelf een antwoord bedenken. Zeg niets voor.

Voor vragen neem gerust contact op met ons via mail@beatcycling.club of NLtraining